Heeft u vragen
035 - 64 24 838
06 - 288 70 427

>>>Heupdysplasie

Heupdysplasie

Heupdysplasie

Op het moment dat een baby geboren wordt bestaat het bekkenbotstuk nog uit drie verschillende delen. Deze drie delen komen samen in de heupkom. Het kan daardoor zijn dat door de geboorte of door de zwangerschap het botstuk, waar de heup in staat, niet meer in de juiste stand staat. Dit kan consequenties hebben voor de stand van de heupkom waardoor het botstuk van het bovenbeen niet meer op een juiste manier in de heupkom zit.

Om een heupdysplasie te constateren worden er rontgenfoto's gemaakt en er wordt een echo gemaakt. Alleen is het zo een botstuk bij een baby niet te vergelijken is met een botstuk bij een volwassenen, met name met een röntgenfoto worden er nog te veel stralen doorgelaten omdat er nog niet veel botdichtheid is.

De beoordeling van heupdysplasie wordt alleen gedaan door beoordeling van de heupkom en helaas niet door de stand van het bekkenbotstuk. Daardoor wordt als therapie vaak een spreidbroek aangemeten waardoor de verkeerde stand van het bekkenbotstuk gefixeerd.

Er kunnen ook nadelen zijn aan een spreidbroek of een te lang gebruik van een spreidbroek. Dit is bevoorbeeld dat een kind op latere leeftijd een bekkenscheefstand houdt en eventueel een scoliose kan gaan ontwikkelen. En als een kind een spreidbroek heeft kan een deel van de fysiologische motorische ontwikkeling worden tegengehouden. Het is namelijk zo dat een kind vaak een spreidbroek krijgt in de tijd dat een kind gaat omdraaien en dat gaat moeilijker met een spreidbroek.

Ook een nadeel van een spreidbroek kan zijn, is dat het bekken immobiel gemaakt wordt. DIt gebeurt als het bekken nog volop in de groei is. Het kan dus dan ook voorkomen dat kinderen die alleen een spreidbroek hebben gehad later toch nog bekken of rugklachten gaan ontwikkelen. Daarom denk ik dat het altijd verstandig is om een keer naar een osteopaat te gaan om de mate van heupdysplasie en immobiliteit van het bekken te beoordelen.