Heeft u vragen
035 - 64 24 838
06 - 288 70 427

>>>Gewrichtsklachten en orthodontie

Gewrichtsklachten en orthodontie

In de praktijk komt het steeds vaker voor dat jongeren die orthodontie hebben gehad klachten krijgen. Hetgeen het meeste voorkomen zijn bekken, heup, knie en of enkelklachten. Dit komt doordat de botstukken van de boven- en onderkaak een relatie hebben met het bekken. Als er orthodontie plaatsvindt wordt er behoorlijk aan de tanden en kiezen getrokken. Dan weer worden de tanden uit elkaar getrokken dan worden ze weer naar elkaar toe getrokken. Er vindt dus een voortdurende manipulatie plaats ter hoogte van de kaken. Door de relatie met het bekken krijg je dus ook ter hoogte van het bekken een voortdurende manipulatie waardoor de stand van de heupen, knieën en enkels verandert. De kans dat men daardoor klachten krijgt is groot.

Niet alleen de slotjes en andere beugels geven problemen maar ook het spalkje dat erna komt. Dan is de kans groot dat men in de chronische klachten terecht komt. Het is eigenlijk alsof je de kaken voortdurend in het gips hebt zitten. Dit is ook niet goed voor de kwaliteit van de botstukken zelf. De tanden kunnen niet meer afzonderlijk bewegen want ze zitten vast. Ook is er een relatie met organen. De verschillende tanden en kiezen hebben een relatie met verschillende organen. De kans is dus ook groot dat de kwaliteit van de organen achteruit gaat.

Een goed alternatief voor een spalkje is een nachtbitje. Dit kan op maat worden gemaakt door de tandarts. Vele tandartsen kunnen dit alleen kost dit iets meer werk en zijn ze bang dat de kinderen het niet dragen zodat de tanden weer in hun oude positie terechtkomen. Zij worden er dan op aangekeken en krijgen dan een naam dat orthodontie niet helpt.

Veel orthodontisten/tandartsen beschouwen nog steeds de schedel als 1 botstuk. Ze noemen dus het kaakgewricht niet naar de botstukken (het temperomandibulaire gewricht) maar naar de schedel (craniomandibulaire gewricht). De boven- en onderkaak hebben een relatie met de nekwervels en het bindweefsel (tentorium) tussen de kleine- en de grote hersenen. Als de stand van de kaken niet goed is kan dit komen door een verminderde beweging ter hoogte van deze strukturen. Als daarbij de stand van de kaken verandert wordt en niet de nek en het tentorium worden behandelt dan kan de persoon die orthodontie krijgt grote problemen krijgen, bijvoorbeeld gedragsstoornissen, slaapproblemen, psychische problemen enzovoort. Een orthodontist/tandarts weet dit vaak niet.